Koesterkapjes
Goed, ik heb het eindelijk aangedurfd. Ik heb de van gemeentewege verstrekte mondkapjes gewassen. Dat vergde enige zelfoverwinning, en het nodige zoekwerk. Ik zal het uitleggen. Mondkapjes – masques, zoals ze hier genoemd worden – zijn in deze contreien een schaars goed. De overheid kan wel doen alsof ook het afgelegen platteland volop meeprofiteert van coronabeschermende maatregelen, maar dat is kul. In de supermarché en bij de apotheek in het stadje verderop hebben ze voortdurend last van ‘rupture de stock’, wat zoveel wil zeggen als: “Wou je een mondkapje? Brei er lekker zelf een, wij hebben ze niet en ze komen ook niet.” Op het dorp is er al helemaal niks te krijgen en we hebben – toen het eenmaal verplicht was – weken moeten wachten voordat de mairie met wat kapjes op de proppen kwam. Die ze van overheidswege moesten verstrekken.
Ik ben dus extreem zuinig op de ongemakkelijke mondverminking die we hebben kunnen scoren. Het voegt voor geen meter, je verkeert acuut in ademnood en je hebt gegarandeerd koppijn als je zo’n ding een tijdje voor je bakkes hebt gebonden. Maar ja, je komt geen supermarkt, geen épicerie, geen tabac, geen dorpskroeg meer binnen zonder. Dus koester ik de mondkapjes van de echtgenoot en mij als ware het kostbare kleinoden. Ik hang ze uit, ik wapper ze in de wind, nadat je er een tijdje in hebt lopen snotteren, en ik doe er alles aan om ze fris te houden. Maar ja, op zeker moment moet je die krengen toch een sopje geven. Ik keek naar het wasetiket.
‘Napomena’ stond er. En ‘prije upotrebe oprati proizvod’, alsook ‘proizvedeno u hrvatskoj’. Ik heb het opgezocht via Google translate. Het eerste woord blijkt Bosnisch en betekent ‘notitie’. De tweede en derde zin komen uit het Kroatisch zodat ik nu weet dat ik ‘het product voor gebruik moet wassen’ (vandaar die hoofdpijn, denk ik dan) en dat het ‘geproduceerd is in Kroatië’. Fijn, effe wassen. Maar hoe dan? En hoe heet dan? Ik keek nog eens op het label en zag dat er ook nog 100% pamuk op stond. Dat bleek Turks voor 100% katoen. Wasaanwijzing: 95 ºC.
Dat ging me wat ver, ik heb de mondvermaakjes in een (even op z’n Rotterdams) ‘verbrand-je-poten-niet’ handsopje gestopt. En ze daarna uitbundig laten uitwapperen in de frisse mistral. Het resultaat werd duidelijk bij het eerstvolgende bezoek aan de supermarché. Met een beetje gepluk en getrek kreeg ik het verplichte lapje katoen nog wel over de ademhalingsorganen gedrapeerd. De echtgenoot, die zich liever in de beschutting van de auto bemaskert, had de grootst mogelijke moeite het ding over de edele delen van het gelaat te dwingen. Het achter de oren werken van het niet-zo-rekbare elastiek bleek het grootste obstakel; hij heeft grote oren… Luisteren: ho maar trouwens.
“Waar blijf je nou!” Chagrijnde ik al met de ontkoppelde (en allang niet meer als ‘service’ ontsmette) koopkar in de aanslag.
“K*tkapje gekrompen!” mompelde hij diepongelukkig.
Hij heeft het evengoed de hele supermarchémartelgang volgehouden. Maar een tweede snikzweetexcursie zit er beslist niet meer in.
Na thuiskomst ben ik meteen het internet ingedoken. Er zijn vast nog wel ergens commerciële mondkapjes te koop. Al zal dat, met waarschijnlijk een tweede golf op komst, wel tegen woekerprijzen zijn. Maar ja, je hebt maar een echtgenoot hè, die moet je koesteren.
Deel dit artikel
Meer inspiratie?
Dan hebben we een suggestie! Lees Côte & Provence magazine 4x per jaar met een eigen abonnement en ontvang een prachtig Frankrijkboek, of koop de actuele editie die nu in de winkel ligt.