’t Spant erom!
Op de parking bij de supermarché stonden een stuk of vijf auto’s met zo’n geel veiligheidshesje achter de voorruit. Beetje raar, maar ik snapte wat de bedoeling was: een solidariteitsbetuiging aan al die automobilisten die zaterdag de wegen blokkeren. En geloof me, dan zijn er heel wat. Doen ze uit protest tegen de verhoging van de belasting op autobrandstof. Die hesjes zijn het symbool geworden van de ‘mouvement gilets jaunes’, een beweging die spontaan ontstond toen iemand op Facebook zo’n blokkade-voorstel deed. Nu is – volgens opiniepeilers – 70% van de Fransen het ermee eens. Ik ook. Ik snap heus wel dat autoverkeer niet best is voor het milieu en dat je met het duurder maken van rijden misschien minder vierwielers op de weg krijgt. Maar bij mij op het platteland kunnen we niet zonder auto’s. In mijn dorpje is er bijna geen werk, zo ongeveer iedereen moet voor emplooi elke dag minstens een kilometertje of 20 heen en terug. En we hebben geen station de service, tanken kan alleen 9 km verderop. Dan word je dus boos als de diesel nóg duurder wordt. De helft van Frankrijk rijdt diesel, werd ooit van harte aanbevolen toen het milieu nog niet zo (op)speelde. Wegens zuiniger en goedkoper. In mijn dorpje is een – doorgaans stokoud – dieseltje de norm, behalve ik rijdt geen hond op benzine. Toeval hoor, ik kocht destijds een wagentje met een vooruitstrevend zuinig benzinemotortje. “Ook goed, als ie ’t maar doet”, zei ik tegen verkoper. Hij (dat autootje dus) doet het nog steeds, geen enkele reden om ‘m in te ruilen.
We hebben tegenwoordig een burgemeester (die diesel rijdt) die graag ‘groen’ doet. Hij heeft twee van die elektro-oplaadpalen bij de boulesbaan laten neerzetten. Is er bij ons iemand met een elektrische auto? Geen hond. Er is wel een Engelse ex-pat die het hybride doet. Ik kom hem weleens tegen in het café. Een hybride toogoplader zullen we maar zeggen, loopt op whisky en rosé. Of andersom. Aan die elektro-oplaadpalen is ie nog nooit betrapt.
Ik blokkeer niet mee, ik ga op zaterdag nooit de weg op wegens werkzaamheden als stukjes tikken en proefkoken. Maar ik ben solidair met al die manifestanten die toch maar mooi ’s ochtends vroeg hun bed uitkomen om aan Macron duidelijk te maken dat hij het nog steeds niet begrepen heeft. Dat hij de afstand tussen de bestuurders en ‘le peuple’, zoals de president het zelf zei onlangs, niet heeft weten te overbruggen. Daarom ligt er ook voor mijn voorruit een geel veiligheidshesje.
En dan heb ik zaterdag de vrijdagavond ervoor dus al gehad: Nederland tegen Frankrijk in nota bene ‘mijn’ Rotterdamse Kuip. Er wordt steeds gezegd dat het niet meer kan, internationaal voetbal in het stadion van mijn jeugd. Dat er in het kader van een megalomaan project een nieuw stadion- en stadsvernieuwingsproject aan de Maas gebouwd moet worden met de uiteraard Engelse benaming Feyenoord City. Rot op zeg!
En er kan dus blijkbaar wél gewoon een interland gespeeld worden in die ouwe, trouwe Kuip. Unieke sfeer, rijke historie. In Frankrijk hebben we het dan over ‘patrimoine’, erfgoed. Daar blijf je met je fikken vanaf, kwestie van fatsoen en respect voor ooit. Alleen restaureren is bespreekbaar. Niet lullen maar poetsen. En moet je zien hoe mooi die Kuip dan weer glanst.
Is er nog een solidariteitsdingetje. Voor wie ga ik zijn? Ik ben al eens uitgemaakt voor landverrader toen ik in het bijzijn van NL-visite (nooit meer terug geweest) tijdens een EK ‘allez les bleus’ riep. Jammer dan. Als ex-sportjournalist kijk ik naar voetbal, niet naar een patriottistische manifestatie. Al hoop ik dat straks de Marseillaise gezongen wordt. Maar uiteindelijk wil ik dat er maar eentje wint: De Kuip. Die mag echt nooit verloren gaan.
Deel dit artikel
Meer inspiratie?
Dan hebben we een suggestie! Lees Côte & Provence magazine 4x per jaar met een eigen abonnement en ontvang een prachtig Frankrijkboek, of koop de actuele editie die nu in de winkel ligt.