Terug naar toen
Een afspraak, ik moest ervoor terug naar de omgeving waar ik lang geleden mijn Franse ‘carrière’ begon. Ik zag er tegenop. Je moet nooit terug naar waar je vandaan komt. Geen idee wie die vuistregel – als dat er al eentje is – bedacht heeft. Al bijna even lang geleden was ik nog een keer in Rotterdam. Daar ben ik min of meer opgegroeid om na tal van omzweringen in de Provence te landen. ‘Mijn’ Rotterdam bleek onherkenbaar verminkt. Ik vreesde weer zo’n trieste ontmoediging toen ik ‘en route’ was naar het dorpje waar ik ooit mijn entree in Zuid-Frankrijk heb gemaakt. Het is hooguit 60 km van waar ik nu woon. Vanwege de kronkelwegen ben je dan al gauw 5 kwartier onderweg. Het traject was als vanouds, prachtig. Ik had de mazzel dat het licht van de Provence me begeleidde, nota bene in dit seizoen. Maar eenmaal in de buurt van ‘mijn’ dorp sloeg de onrust al toe. Links en rechts was er van alles bijgebouwd, ik wist niet wat ik zag, ook de bergerie van de toenmalige schaapherder bleek in zo’n villa met piscine veranderd. Van de dorpskroeg was een soort snackbar gemaakt. Ik had stille hoop dat ik er nog een paar vrienden van toen zou tegenkomen. Mooi niet. Ook hun wereld was ten prooi gevallen aan een nieuwe tijd, dacht ik. Of een nieuwe generatie. Onderweg vlakbij had ik ook al een McDo gesignaleerd.
Ik was iets te vroeg voor mijn afspraak. Over die 5 kwartier deed ik er maar 4, geen hinder van blokkades waarop ik vanwege de ‘mouvement social’ voorbereid was en ik rijd meestal toch al iets harder dan het volgens de overheid hoort.
Tijd genoeg, ik ging even kijken bij het huis waarmee ik ooit begonnen ben in Zuid-Frankrijk. Toen een schamele schuur met iets van een dak, dat indertijd beetje bij beetje tot een bewoonbaar onderkomen werd opgetut. Nu een omvangrijke villa met zwembad. En daar omheen nog veel meer van die sjieke panden. Toen ik er woonde, was de boel er puur natuur, en verder niemand in de buurt. Ja, in het café, maar daar moest je wel eerst heen.
Ik vreesde in nostalgie te worden ondergedompeld op weg naar mijn dorpje van toen. Ik reed tot mijn verrassing opgelucht terug naar waar ik nu woon. En ik wist: het was meer dan oké om verder te trekken van waar het allemaal ooit begon. Weg, vóór het mis ging, voor het te vol, te druk, te toeristisch en vooral te ‘modern’ werd. Nu woon ik weer op zo’n gedroomd plekje in een afgelegen gehucht waar goddank niets gebeurt, het leven voortkabbelt en het (ja hoor, kom er maar in) geromantiseerde Frankrijk van toen nog gewoon van vandaag is. De vraag is, hoe lang nog? Ik ben er niet gerust op. In de krant stond dat ze iets verderop windmolens willen gaan neerzetten. Windmolens! Totale landschapsvervuiling in een puur natuurgebied. Ik zou er in het dorpscafé niet over durven beginnen. Hier zijn ze meer dan tevreden met de huidige kernenergie. Maar stel dàt… Zo’n rij stramme windwiekers op de bergkam tegenover m’n heuvel, de slagschaduwen, het sonore gebrom?
Word ik nog een keer door de tijd achterhaald? M’n vluchtgevoel staat in elk geval op scherp.
Deel dit artikel
Meer inspiratie?
Dan hebben we een suggestie! Lees Côte & Provence magazine 4x per jaar met een eigen abonnement en ontvang een prachtig Frankrijkboek, of koop de actuele editie die nu in de winkel ligt.