Vonk
Door René Vonk-Hagtingius –
Ik ben niet in vorm en ik heb al een tijdje niks van me laten horen. Excuus.
Maar ik ben er wel degelijk en beval vanmiddag de echtgenoot: ‘Tik op wat ik zeg’. Vanwege iets met mijn ogen lukt zelf tikken niet. Maar in zekere zin is het dan een voorrecht dat je een soort thuis-secretaris hebt die gewoon noteert wat je vertelt. Die secretaris met wie ik getrouwd ben en aan wie ik gelukkig geen salaris hoef te betalen heeft het onderstaande opgeschreven.
Ik moet maar aannemen dat het mijn verhaaltje is. Ik kan het zelf niet lezen.
Als je ineens een gehandicapte bent, kun je tussen het terras en verzet kiezen.
Het is al een tijdje goed weer, ik heb veel buiten gezeten, genoten in de zon, maar ik ben dus meer van de opgestroopte mouwen. Vanmorgen zei ik tegen de secretaris dat ie me naar de supermarché moest rijden. Dat idee werd niet zo enthousiast onthaald, die boodschapperij doet hij al een tijdje op eigen gezag, en hij vreesde gestumper van mijn kant tussen de schappen.
Hij had gelijk.
Ik wilde ketjap en kon het niet vinden. Terwijl ik altijd precies wist waar dat stond.
Wat moet je met ketjap? vroeg de secretaris die – als altijd – op spoed aandrong. Hij kookt tegenwoordig. Talentje? Ik vrees van niet. Zijn soepen zijn eventueel wel oké.
Bij de kassa dacht ik zelf even af te rekenen. Ik kon de entree van de bankkaart in dat apparaat zo gauw niet zien en het ongetwijfeld aardige meisje dat naar de klantenkaart vroeg, bood me spontaan een leesbril aan. Toen wist ik zeker dat ik geen achttien meer ben. En ook niet meer kan doen alsof. De secretaris moest de code intikken.
Onze laatst overgebleven hond was blij toen we weer thuis waren. Ik ook.
Voor hem en mij de vraag wat de secretaris ons nu op ons bordje presenteert.
Deel dit artikel
Meer inspiratie?
Dan hebben we een suggestie! Lees Côte & Provence magazine 4x per jaar met een eigen abonnement en ontvang een prachtig Frankrijkboek, of koop de actuele editie die nu in de winkel ligt.